Vertaaldag  Archief

2020

2019

2018

2017

2016

2015

2014

2013

Ik schrijf een blog

Robbert-Jan Henkes

Ik schrijf een blog, sinds kort.
Ik heb het ‘Vandaags Vertaalprobleem’ gedoopt.
Waarom ‘vandaags’? Vanwaar dat incorrecte, ongrammaticale Nederlands?
Allereerst omdat ik daarmee een statement maak. Een statement dat behelst dat verkeerd ook mag. Dat fout ook goed is. Dat de Nederlands geen dooie tak is om naar believen iemand de kop mee in te slaan.
Als het past en leeft is het oké.
Ten tweede – maar dat ontdekte ik pas toen het al online stond – is het een onbewuste contaminatie mijnerzijds van de naam van deze bruisende Vrijdag Vertaaldag en die van het enigszins verstilde dankwoordenkerkhof van Vertaalverhaal.
Overigens geen kwaad woord over Vertaalverhaal. Ik heb er ook een dankwoord liggen.
Mijn eerste blog ging over zelfreflectie en of dat kwaad kon.
Want als je gaat nadenken over wat je doet, gaat je verstand in de weg zitten en kun je het niet meer. Is het gevaar.
Het gebeurde met Bob Dylan na zijn fameuze motorongeluk waarbij zijn kleine teen uit de kom schoot. Plotseling, zei hij nadat hij de zelfopgelegde ziekenboeg had verlaten, kon hij geen liedjes meer schrijven en moest hij bewust leren doen wat hij tot dan toe onbewust deed. En dat is een heel lang leerproces geweest.
Paul McCartney wilde nooit noten leren lezen omdat hij bang was dat dat ten koste zou gaan van zijn spontaniteit.
Daar zelfreflecteerde ik over in de eerste column. Of denken slecht was.
En nu zelfreflecteer ik over het zelfreflecteren in die eerste column.
Waar ik binnenkort ook weer een zelfreflecterende blog aan zal wijden.
Nog even en ik zie mezelf niet meer in alle spiegels.



Maar hoe is dat nou, een blog schrijven?
Nou, ik moet zeggen, het valt (niet) mee.
Leuk (is anders).
Nee, dat is allemaal niet waar.
Het is heel prettig om je gedachten op papier te zetten (virtueel papier) over iets waarmee je bezig bent. Of net klaar.
Ik vraag me af waarom niet meer vertalers het doen.
Elke dag hebben zij ook wel iets waar ze tegen aanlopen en niet uitkomen. Iets waar ze zich een tijdlang het hoofd over breken. Iets waarbij ze een knoop moeten doorhakken.
Vragen, overwegingen, grove generalisaties.
Desnoods appeltjes te schillen of – kan natuurlijk ook – pluimen uit te delen.
Van schouderklopjes tot vliegende tackles.
Van veren in – tot schoppen onder konten.
Opperingen te opperen en kwesties aan te kaarten.
Noodkreten.
Herinneringen op te halen. Damaals in Vertalië.
Fitties met uitgevers, ellende met persklaarmakers, ruzies over titels.
Pastiches in de stijl van de auteur die je vertaalt: ook heel nuttig. Misschien is een blog daar wel het nuttigste voor: om in de stijl van het boek of van de schrijver te komen. Als vingeroefening.
Maar in feite kan alles.
Elke vertaler wordt immers geplaagd door twijfel, onzekerheid en angst voor onkunde.
Dat is het enige wat vertalers verbindt. De wil om het goed te doen en de vrees om het niet goed te hebben gedaan.
Er is maar één ding dat ze nog meer verbindt. En dat is een diepe overtuiging dat er niemand is die het beter doet dan hij/zij zelf.
Maar toch ook onzekerheid.
Ik begon mijn blog met het boek waarmee ik bezig was. Sergej Dovlatovs Domein (Заповедник).
Een van de onkraakbaarste noten die ik ooit voor de kiezen heb gehad. En ik heb toch echt niet de eenvoudigste dingen gedaan, alleen en met Erik Bindervoet. Zoek maar op.
Grootste probleem bij Dovlatov: alliteraties vermijden. En toch eenvoudig en spreektalig blijven.
Het lastige van vertalen is dat vertalers altijd verkleefd blijven met het origineel. Elke stap, elk woord worden zij geconfronteerd met het onontkoombare verschil tussen hun tekst en die van de auteur.
Alles wat de vertalers tot het boek heeft aangetrokken verdwijnt onder hun eigen handen!
Vertalers zijn de worgers van hun geliefde. Literaire serieplegers van gruwelijke crimes passionnels.
Elke zin, elke regel moeten ze tandenknarsend erkennen dat ‘het niet hetzelfde is’. Dat ‘er heel wat anders staat’. Dat ‘het heel anders klinkt’. Dat het – met andere woorden – mislukt is.
Hopeloos!
Wie begint er überhaupt en sowieso nog aan?!
Affijn.
Ik had het over enige vertaalproblemen die ik bij Dovlatov tegenkwam. En daar heb ik het nog steeds over. Ik heb zelfs de indruk dat ik daar tot voorbij het einde der tijden mee door kan gaan.


Al heb ik een beetje gesmokkeld. Want feitelijk was ik al klaar met de vertaling toen ik het blog begon.
(Terzijde: is het het blog of de blog? De Belgische Taaltelefoon adviseert: ‘Blog kan in het Nederlands zowel een mannelijk de-woord als een het-woord zijn, zonder betekenisverschil. U kunt uw taalgevoel volgen, maar pas uw keuze wel consequent toe.’ Zo! Eerst mogen we ons taalgevoel volgen, maar dan moet het wel consequent! Het blijven schoolmeesters.)
Ik moest de blog dus nog beginnen toen de vertaling af was. En waarschijnlijk is het boek inmiddels al wel uitgekomen, bij uitgeverij Vleugels.

Dus ik kon wel vragen stellen in mijn blog, en problemen opwerpen, maar aan eventuele antwoorden had ik niets.
Beter is het om het blog fris van de lever en heet van de naald te schrijven.
Wat ik bij de volgende vertaling ga proberen te doen.
Blogs hebben de neiging enthousiast op te vlammen en even snel weer uit te doven. Het is zaak de rust, reinheid en regelmaat erin te houden.
Wekelijks dus, en meer als het moet.
Een vertaler is toch altijd bezig? Nou dan.
Voor een blog heb je geen eigen website nodig, je kunt gewoon van de gratis diensten van bedrijven als blogger of wordpress gebruikmaken. Ik heb blogger gebruikt, die zogenaamde blogspots maakt. Want ik had me laten vertellen dat het nog makkelijker (of zoals dat heet ‘intuïtiever’) in elkaar te zetten was dan wordpress.
Al was het inderdaad niet heel ingewikkeld, er was toch wat gepuzzel nodig. Waar zitten die regelafbrekingen? Hoe spring je in?
Ik besloot het simpel te houden en de boekleeservaring als leidraad te nemen. Geen ingewikkelde tierelantijnen, zijbalken en handige extra functionaliteiten zoals links, statistieken en tags. Alleen de mogelijkheid te reageren en je te abonneren, d.w.z. een e-mail ontvangen als er een nieuwe blog geplaatst werd. De rest komt misschien later wel.
Ik kreeg ook advies van dichter-bibliothecaris Paul van Capelleveen, die voor de Koninklijke Bibliotheek een nieuwsbrief, Ligatuur, verzorgt en ook wekelijks blogt over de kunstenaars Ricketts en Shannon. Pas op met illustraties, zei hij, want daar kan copyright op zitten. Maar bij elke blog een beeld was goed. Ook goed is het om in elke blog minstens één link naar een andere website te zetten, want op die manier word je allengs beter gevonden door de zoekmachines. En: hou vol. Lezers laten lang op zich wachten.
Volhouden doet hij: Ligatuur is aan zijn 286ste aflevering toe en http://charlesricketts.blogspot.com klokt op dit moment binnen op aflevering 477. Meer dan negen jaar onafgebroken dus.
Dat haal ik nooit meer in.
Laten wij vertalers het goede voorbeeld volgen. Laten wij ons meer in het schelle licht van de digitale openbaarheid wagen. Misschien kunnen we elkaar zelfs wel van dienst zijn, ergens mee.
Een vuist maken. Desnoods op elkaars bakhuizen.
En zelfs indien niet, is het toch aardig om te weten waar je collega’s mee bezig zijn, en waarover zij zich de mistroostige hersenen uitwringen en aan de waslijn der ontoereikendheid te drogen hangen.
Al was het maar om te weten dat je niet alleen bent...

https://vandaagsvertaalprobleem.blogspot.com/

 

 

Reageren? info@tijdschrift-filter.nl.