Vertaaldag  Archief

2018

2017

2016

2015

2014

2013

Vreemder en vreemderder

Janne Van Beek

In tegenstelling tot veel lotgenoten voelde ik na het indienen van mijn scriptie niet de onweerstaanbare drang om het onderwerp ervan, in mijn geval Lewis Carrolls Alice’s Adventures in Wonderland, uit het raam te gooien, te versnipperen of ritueel te verbranden. Toen me gevraagd werd of ik een reeks over Alice wilde schrijven, deed ik juist een cirkelrace door de kamer en vergoot een tranenmeer van vreugde. In het tweede deel van dit Carrolliaanse drieluik sta ik stil bij een van de zaken die vertalen voor kinderen zo bijzonder maakt, leg ik één passage uit negen Nederlandse vertalingen naast elkaar en observeer ik hoe het soms van kwaad tot erger en van gek tot gekkerder gaat.  

 

In het 19e nummer van Literatuur zonder leeftijd stelt Cees Koster dat vertalen voor kinderen wezenlijk verschilt van vertalen voor volwassenen. Zo betoogt Koster dat bewerkende vertaalstrategiëen minder taboe zijn binnen de vertaalde jeugdliteratuur1 Dankzij de asymmetrische machtsrelatie2 die inherent is aan de productie en vertaling van kinderliteratuur, wordt bij het vertalen voor kinderen doorgaans meer aandacht besteedt aan de noden van het jonge doelpubliek en is de vertaler bijgevolg prominenter aanwezig.3

De strategie van de vertaler wordt gestuurd door het kindbeeld van de betrokken mediatoren (de uitgever, de koopkrachtige ouders, de vertaler zelf, etc.). Onder kindbeeld verstaan we het geheel aan ideeën over hoe kinderen zijn, wat ze aankunnen, waar ze van houden en wat goed voor hen is.4 Dergelijke opvattingen staan uiteraard niet in steen gebeiteld. Zo deed de publicatie van Carrolls vermakelijke satire de tot dan toe hoofdzakelijk didactische en moraliserende Engelse kinderliteratuur op haar grondvesten daveren; en zo zijn we, onder meer dankzij Freud, niet langer van mening dat kinderen seksloze, onschuldige engeltjes zijn (iets wat elke ouder of babysitter met een paar ogen en oren ook zelf had kunnen bedenken).

Er zijn grofweg drie redenen die vertalers ertoe bewegen de jonge lezer tegemoet te komen.5 Omdat de verschuiving van culturele context die bij vertalingen optreedt doorgaans grotere gevolgen heeft voor kinderen dan voor volwassenen worden technieken als naturalisatie, neutralisatie en explicitering ingezet bij wijze van ‘culturele filter.’ Zo heet de protagoniste van de eerste Nederlandse vertaling bijvoorbeeld ‘Lize’ en sneuvelt het amusante, doch archaïsche, fenomeen ‘badkoets'6 in het merendeel van de vertalingen. Ten tweede  wordt er vaak ingegrepen om de leesbaarheid van de tekst en het leesplezier van het kind te bevorderen, onder meer met de directe aanspreking van de lezer, lexicale en syntactische vereenvoudigingen, aanpassingen van de plot en het gebruik van verkleinwoorden (dewelke kwistig werden ingezet in van Oven–van Doorns vertaling uit 1934: ‘…hoe de grote Alice dan genieten zou van de spelletjes en bedenkseltjes van andere kindertjes’ (blz. 120)). Onder de laatste categorie die ik in deze column nader zal bespreken, vallen aanpassingen van waarden en normen in dienst van bepaalde opvoedkundige ideeën. Geen enkele tekst is vrij van ideologie en brontekstelementen die in de ogen van de mediatoren om een of andere reden niet geschikt zijn voor de lezer ondergaan vaak censuur.

Dat maatschappelijke opvattingen over het kind in de afgelopen 150 jaar evolueerden, zal u hoogstwaarschijnlijk niet van uw stoel blazen, maar de mate waarin een simpele vertaalvergelijking deze evolutie in kaart kan brengen is opmerkelijk. De omvang van deze column staat me niet toe om meer dan één voorbeeld te geven, maar dat is gelukkig meer dan genoeg.



Illustratie van Aleksandr Sjachgeldjan in Leonid Jachnins Russische vertaling

Een van de allereerste wonderlijke dingen die Alice meemaakt is haar schijnbaar eindeloze val door het konijnenhol. Al vallend neemt ze een pot ‘Orange Marmelade’ van een plank die tot haar grote teleurstelling leeg blijkt te zijn en ze besluit hem weer terug te zetten. Pienter als ze is, wil Alice het potentieel levensgevaarlijke projectiel liever niet in de bodemloze diepte laten vallen. De brontekst gaat als volgt verder:

…she did not like to drop the jar, for fear of killing somebody underneath, so managed to put it into one of the cupboards as she fell past it.

“Well!” thought Alice to herself. “After such a fall as this, I shall think nothing of tumbling down stairs! (...) Why, I wouldn’t say anything about it, even if I fell off the top of the house!” (Which was very likely true.) (blz. 13)


Lewis Carrolls eigenhandige manuscript van de 'oerversie' van Alice in Wonderland,
Alice's Adventures under Ground

 

Zoals u in de keurige tabel onderaan deze column ziet, hebben vertalers massaal ingegrepen in deze passage. Zeven van de negen vertalingen omzeilen in de eerste zin het woord ‘killing’ en drie doen daar nog een pedagogisch verantwoord schepje bovenop door het vertellerscommentaar ‘(Which was very likely true.)’ aan het einde van het fragment weg te laten. De anonieme vertaler van Lize’s Avonturen, Antoinette Van Dijk, M. C. van Oven-van Doorn, Reedijk en Kossmann, F. Heeresma, Gonne Andriesse-van de Zande en Eelke de Jong achtten deze passage stuk voor stuk ongepast voor een kinderboek, wellicht omwille van de associatie tussen een “onschuldig” kind en moord of simpelweg door de expliciete aanwezigheid van de dood, en censureerden er lustig op los.

Aldus verzanden deze vertalingen in precies hetzelfde stramien als het soort moraliserende, vingerpriemende, ‘denk voor je doet’-type kinderboeken dat Carroll in deze en vele andere passages parodieert. Pas in 1989 worden beide morbide mopjes in ere hersteld. Zowel Nicolaas Matsier als zijn opvolgster Sofia Engelsman gaan de allusie niet uit de weg en handhaven daarmee de humor en dubbele aanspreking in deze passage. Het ziet er naar uit dat lachen met de dood weer voor alle leeftijden is.

 

Brontekst (1865)

 

she did not like to drop the jar, for fear of killing somebody underneath, so managed to put it into one of the cupboards as she fell past it.

“Well!” thought Alice to herself. “After such a fall as this, I shall think nothing of tumbling downstairs! (...) Why, I wouldn’t say anything about it, even if I fell off the top of the house!” (Which was very likely true.) (13)

Lize’s Avonturen in

’t Wonderland (ca.1875)

…ze durfde het niet laten vallen uit vrees dat ze er iemand beneden een ongeluk meê zou toebrengen eindelijk vond ze op een hoekje van een boekenplank gelegenheid om het kwijt te raken.

“Wel,” dacht Lize, na zóó’n val zal ik er, dunkt me, niet meer tegen opzien om eens van de trappen te tuimelen (…) Heusch, ik geloof dat ik me wel boven van een huis zou laten vallen!”. (1)

Van Dijk (1929)

Zij wilde hem liever niet laten vallen, want dat zou iemand kunnen bezeeren en daarom trachtte zij hem in een der kasten te zetten, waar zij voorbijviel. Dat gelukte!

“Nu,” dacht Alice, “na zoo’n val zal ik er niets meer om geven, als ik thuis van de trappen rol! (…) Ik zou zelfs wel bovan [sic] van ’t huis durven vallen!” (6-7)

van Oven-van Doorn (1934)

…eerst wilde zij het naar beneden gooien, maar toen bedacht ze dat het dan wel eens terecht kon komen op het hoofd van iemand die onder haar viel [sic], en na enige vergeefse pogingen slaagde zij er in om het op een lege plank te zetten.

“Na een valpartij als deze zal ik het voortaan stellig maar een kleinigheid vinden om van de trap te vallen,” dacht Alice. (…) Ik geloof zelfs dat ik niets meer zou zeggen wanneer ik boven van het dak naar beneden viel!” (Hier had zij waarschijnlijk gelijk in). (10)

Reedijk en Kossmann (1947)

Zij wilde deze niet laten vallen, want zij was bang dat iemand daardoor getroffen kon worden en dus zette zij hem met veel moeite in een van de kasten.

“Nu,” dacht Alice “na zo’n val zal ik er niets meer om geven als ik van de trappen rol. (…) En trouwens, ik zou er niet eens wat van zeggen als ik van het dak viel!” (wat zeer waarschijnlijk waar was.) (9)

Heeresma (1966)

Ze wilde hem niet laten vallen, want dat zou gevaarlijk kunnen zijn als er iemand beneden onder stond, en ze speelde het klaar hem snel terug te zetten in een ander kastje dat ze passeerde.

<<Nou, >> bedacht Alice bij zichzelf, <<na zo’n val als deze, is van de trap vallen niets meer! (...) Zelfs al val ik nog eens van het dak, dan zal ik geen kik geven!>> (9).

Andriesse-van de Zande (1976)

Ze wilde de pot liever niet zo maar uit haar handen laten vallen, omdat hij beneden op iemands hoofd terecht zou kunnen komen, en het lukte haar om hem in een van de kasten te zetten waar ze langs viel.

‘Na zo’n val als ik nu maak,’ dacht Alice, ‘zal ik het nooit meer erg vinden om van de trap te vallen. (…) Ik zou zelfs geen kik geven als ik van het dak viel!’ (en daar kon ze wel eens gelijk in hebben!) (15)

de Jong (1981)

Ze wilde het liever niet laten vallen, bang dat iemand het op zijn hoofd zou krijgen, en slaagde erin het in een van de kasten terug te zetten toen ze daar in haar val voorbijkwam.

‘Nou!’ dacht Alice bij zichzelf, ‘na zo’n val als deze, kan het me niets meer schelen om van de trappen te rollen. (…) Trouwens, ik zou er niet eens wat van zeggen als ik van de nok van het huis viel.’ (Wat waarschijnlijk waar was.) (10)

Matsier (1989)

Uit vrees iemand te doden liet ze de pot maar liever niet vallen, en ze slaagde erin hem in een van de servieskasten te zetten terwijl ze erlangs viel.

‘Nou!’ dacht Alice bij zichzelf. ‘Na zo’n val als deze stelt van-de-trap-vallen niks meer voor! (...) Zelfs al viel ik van het dak, dan nog hield ik mijn mond!’ (Wat hoogstwaarschijnlijk waar was.) (12)

Engelsman (1999)

Ze durfde de pot niet te laten vallen, bang dat ze er iemand mee dood zou gooien daar beneden. Daarom zette ze de pot terug in een kast waar ze net langs viel, wat nog niet zo eenvoudig was.

‘Nou,’ dacht Alice, ‘hiermee vergeleken is van de trap vallen een fluitje van een cent. (...) Zelfs als ik nu alle trappen afrolde, helemaal van de zolder naar beneden, zou ik geen kik geven.’ (En dat was waarschijnlijk ook zo.) (13)

Noten

1 Zie Lalleman, 2015.
2 Zie Jacqueline Roses The Case of Peter Pan, or the Impossibility of Children’s Fiction voor een interessante kijk op de scheve machtsverhouding tussen kind en volwassene.
3 Alvstadt, 2010.
4 Van Coillie, 2015.
5 Van Coillie, 2015 en Joosen en Vloeberghs, 2008, 225.
6 De badkoets is een typisch Victoriaans fenomeen. Badgasten konden zich verkleden terwijl de koets de zee in en uit gereden werd, zodat men ongezien kon zwemmen.

 

Bibliografie

Alvstad, Cecilia. “Children’s literature and translation.” Handbook of Translation Studies Online, 2010. Web. 17 nov. 2017.

Carroll, Lewis. The Annotated Alice: 150th anniversary deluxe edition: Alice’s Adventures in Wonderland and Through The Looking-Glass. Ed. Martin Gardner. New York: W.W. Norton & Company, 2015. Print.

Carroll, Lewis. De avonturen van Alice in Wonderland. Vert. Sofia Engelsman. Haarlem: Gottmer, 2014. Print.

Carroll, Lewis. De avonturen van Alice in Wonderland & Achter de spiegel en wat Alice daar aantrof. Vert. Nicolaas Matsier. Amsterdam: Athenaeum-Polak & Van Gennep, 2012. Print.

Carroll, Lewis. Alice in Wonderland. Vert. Eelke de Jong. Alphen aan den Rijn: ICOB, 1984, 2e druk. Print.

Carroll, Lewis. De avonturen van Alice in Wonderland. Vert. Gonne Andriesse-van de Zande. Baarn: Hollandia, cop. 1976. Print.

Carroll, Lewis. Alice in Wonderland. Bew. F. Heeresma. Antwerpen: Zuid-Ned. Uitgeverij en Amsterdam: Centrale Uitgeverij, cop. 1966. Print.

Carroll, Lewis. Alice’s avonturen in Wonderland. Bew. M.C. van Oven-van Doorn. Den Haag: Van Goor Zonen, 1962, 5e druk. Print.

Carroll, Lewis. De avonturen van Alice. Vert. C. Reedijk en A. Kossmann. Rotterdam: Donker, 1956, 3e druk. Print.

Carroll, Lewis. Alice’s avonturen in het wonderland. Bew. Antoinette van Dijk. Amsterdam: Uitgeversmaatschappij “Groot Nederland,” 1929. Print.

Carroll, Lewis. Lize’s avonturen in ’t wonderland. Bew. onbekend. Nijmegen: Blomhert & Timmerman, ca. 1875. Print.

Joosen, Vanessa en Katrien Vloeberghs. Uitgelezen jeugdliteratuur: een ontmoeting met traditie en vernieuwing. Leuven: LannooCampus, 2008. Print.

Lalleman, Josien. “Jeugdliteratuur in vertaling.” Literatuur zonder leeftijd 19.67, 2005. Print.

Van Coillie, Jan. “Vertalen voor kinderen: hoe anders?” Literatuur zonder leeftijd 19.66 (2015). Via DBNL. Web. 14 nov. 2017.

 

 

Reageren? info@tijdschrift-filter.nl.